Tour of Southland

Diederik Scheltinga
De oudste van de broers, zoekt graag de grenzen op (niet alleen fysiek) en volbracht al 13 Ironmans.
Tour of Southland
Share on whatsapp
Share on facebook
Share on twitter
Share on email

Een week op 1 plek kan ik precies volhouden, daarna moet ik er toch echt weer uit voor een paar dagen. Ik was een week aan het woofen (werken voor voedsel en onderdak) op een biologische boerderij toen ik het idee kreeg voor een gruwelijk zware fietstocht van 4 dagen over de bekendste bergpassen van Nieuw Zeeland. Waarom zou je zo iets doen? Geen idee, woofen beviel me prima. 4 uurtjes per dag werken en verder wat lezen, trainen, Christchurch in… Helemaal niet verkeerd. Toch, ik moest er uit, een soort van afscheids tour van het zuider eiland. Fiets geleend van Andy en zeer weinig spullen gepakt.

Dag 1: Loburn – Hanmer Springs – 121 km – 4u30 – 581 hm
De dag van de aardbeving in Christchurch vertrok ik voor een 4 daagse bike trip over de bekendste en beruchtste bergpassen van Nieuw Zeeland. Ik vertrok rond 11.30 vanuit Loburn, dat is ongeveer 30km van het centrum van Christchurch. Het moment van de aardbeving zat ik dus op m’n fiets en met een gemiddelde van ongeveer 25 per uur was ik dus ongeveer 65km van Christchurch centrum verwijderd. Ik heb niks gemerkt, niks gehoord, niks gevoeld. Tot ik aankwam na 85km een colaatje wilde kopen in Culverden.

In Culverden was ik getuige van oostblokachtige taferelen. Lege schappen en gigantische rijen in de supermarkt. Toen ik verbaasd vroeg wat er aan de hand was werd ik aangekeken of ik stom doof en blind was. Of ik niks gevoeld of gezien had… Uhh, nee? An earthquake in Christchurch with several casualties and lots of people trapped in buildings. Shit! Nee, dat wist ik niet…

Aangekomen in Hanmer Springs deed de televisie in het hostel het niet. Goed excuus om naar de kroeg te gaan, een wel verdient biertje te drinken en te kijken wat er nou eigenlijk precies allemaal aan de hand was in Chch. En wat een chaos! De verslaglegging kwam net op gang en de omvang van de gehele situatie begon een beetje duidelijk te worden. Wat een ellende, en onwerkelijk om die gebouwen in puin te zien liggen waar ik gister nog rond fietste! Die avond werd voor het eerst in de geschiedenis de landelijke noodtoestand afgekondigd.

Dag 2: Hanmer Springs – Reefton – 137 km – 5u40 – 1100 hm
Die ochtend ontbeten met de overgebleven pannenkoeken van gisteravond en rond 11.00 vertrokken over de Lewis Pass richting de West Coast. Prachtige en ruige omgeving en was (blijkbaar) voor de eerste 90km helemaal op mezelf aangewezen. Geen dorpjes, dus ook geen winkels en kranen. Halverwege werd ik op een rustpunt van 2 volle bidons voorzien door meelevende toeristen. Ik heb ook wel geluk hoor!

De Lewis Pass op was niet heel zwaar, ik had de wind lichtjes mee en werd afgeleid door het prachtige landschap en door Nicol Williamson die me The Hobbit voorlas door m’n iPod. Zwaarder werd het na 90km, na een fantastische afdaling dacht ik dat het gedaan was met het klimmen voor vandaag, maar nee hoor. Ik moest nog ‘even’ Rahu Saddle over, door het Victoria National Park. Wederom afschuwelijk mooi, maar helemaal weer anders dan de Lewis Pass. Aan de West Coast valt veel meer regen, dus fietste ik door prachtig groen regenwoud met allerlei kleine stroompjes en riviertjes.

Dag 3: Reefton – Ahaura – 44 km – 1u50 – 130 hm
Vandaag had ik weinig goesting en stijve benen. Gisteravond fish & chips gegeten in de totaal verlaten hoofdstraat van Reefton. Leek wel een spookstad, en dat al om 19:00. In het hostel waar ik verbleef wonen een aantal full time goudzoekers. Na een avondje met hen te hebben doorgebracht vond ik dat ik hier wat meer tijd moest doorbrengen. Goud zoeken, de western style barretjes, saloons en verlaten hoofdstraten met tumbling weeds doen mij altijd wat romantisch aan. Zo ging ik deze ochtend met lood in m’n benen op zoek naar mijn eigen goud. Een 90 minuten duurloopje langs snel stromende riviertjes, oude mijnen, grotten, mijnschachten van 100-en meters diep en complete spooksteden. Fascinerend! Beetje jammer dat ik geen goud vond…

Wouter (de boer waar ik woof) had me een telefoonnummer gegeven van vrienden van hem, die het waarschijnlijk niet erg zouden vinden als ik een nachtje kwam logeren. Toch wel maf om wild vreemden op te bellen om te vragen of ze je van een maaltijd en onderdak kunnen voorzien… Toch maar gedaan en eind van de middag 44km tegen de wind in naar Ahaura gefietst. Daar kwam ik aan op een gigantische boerderij met fantastisch uitzicht over de Southern Alps en over de Buller Range. ’s Avonds, terwijl ik de lichten van Pike River kon zien werd ik door de nieuwslezer van alle ellende in Chch op de hoogte gebracht…

Dag 4 – Ahaura – 0 km
Het plan was om eigenlijk naar Arthur’s Pass te fietsen maar de familie waar ik verbleef wilde me graag van alles laten zien en ik moest toch minstens een dag besteden. Ok, prima… Rondleiding over de boerderij, beetje koeien van het ene weiland naar het andere verplaatsen, en ook kreeg ik een rondleiding over een stuk land wat ze een paar jaar geleden hadden aangekocht. Een hele berg met uitloop, Napoleon Hill. Eind 18e eeuw werd hier intensief naar goud gezocht. Op deze berg stond ooit een heel dorp met hotels, saloons, bakker, slager, schoenmaker en bordeel en al. Het enige overgebleven is nog het kerkhof en de ontelbare gangen door de berg. Dus ik zo’n gang in. Pik donker, het enige wat nog een beetje licht gaf waren de glow wormen en toen ik m’n hoofdlampje aan deed zag ik een heel hoop spinnen, sommige zo groot als m’n vuist…

Vanuit Napoleon Hill en de omringende bergen komen een heel hoop kleine stroompjes samen om één wat grotere stroom te vormen. Kiwi’s staan bekend om hun ‘todo’ mentaliteit en Malcolm (de boer) heeft zijn eigen waterrad gebouwd. Dit 5 meter hoge rad is gekoppeld aan een paar tandwielen, en die aan een generator. Zo wekt hij zijn eigen stroom op. Op dit moment staat er op het land nog geen huis, maar de bouwplannen liggen er al, en uiteraard doet hij ook dat zelf…

Eind van de middag in stijl de omgeving bekeken met Kyle (de zoon), die was erg enthausiast over z’n auto. Normaal heb ik het niet zo op auto’s maar zijn Mini uit 1978 was toch wel erg gaaf! Het stuur werd ook mij toevertrouwd en dat was wel weer een hele ervaring want de remmen deden het amper.

Dag 5: Ahaura – Arthur’s Pass – 126 km – 5u50 – 1200 hm
’s Ochtends tegen 10uur vertrokken want het zou een lange dag worden, prachtig weer en wat een ontzettend mooi omgeving. Zo ontzettend groen! Het meest interessante gedeelte van mijn tocht was duidelijk deze dag. De valleien tussen de berger, verscholen meertjes, om elke bocht viel er weer wat nieuws te ontdekken.

Mijn favoriete gedeelte was Arnold Valley – Moana – Rotomanu – Inchbonnie. De uitlopers van de alpen waren bekleed met wijngaarden en uitgestrekte groene heuvels. In de berm vond ik wilde bramen, dus at tot ik niet meer kon en plukte een zak vol voor bij de pannenkoeken van die avond. Echter, na een paar uur comfortabel fietsen begon ik aan de Arthur’s Pass. Had eigenlijk geen dee hoe of wat, wist wel dat het een klim van ongeveer 7 kilometer was. Op bepaalde stukken dacht ik dat er op een ogenblik iets stuk moest gaan: mijn fiets, of mijn knieën…

Dag 6 – Arthur’s Pass – Loburn – 157 km – 6u40 – 770 hm
Amai ik was moe, en mijn koolhydraten waren op. Ik verwachtte wat meer berg af, maar dat was niet echt het geval. De tegenwind hielp ook niet mee dus al met al een erg zware dag maar wel weer ontzettend mooi. Kreeg veel goedkeurende reacties als ik bevestigend beantwoordde op de vraag of ik de gehele Arthur’s Pass gefietst had. In het laatste gedeelte fietste ik ook nog eens verkeerd waardoor ik zo’n 10 km extra deed. Ik was blij toen ik de oprit van de boerderij op fietste en ’s avonds weer in m’n ‘eigen’ bedje kon kruipen. Al met al een fantastische tocht! Klik hier voor de volledige route in mapmytri.

Share on whatsapp
WhatsApp
Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on email
Email
Sluit Menu